2004

Een korte terugblik op de Railhobbyreizen

Trams & Treinen in het Rheinland - Hemelvaartsreis Stuttgart - Wales & Manchester -Grenoble, Ardèche & Zwitserse Jura - Eifel & Stoom - Rhön-Leipzig & Kassel


Reisverslag Trams & Treinen in het Rheinland terug

Za 10/4 t/m ma 12/4

Na de laatste opstappers in Utrecht bestond de groep uit 21 personen, die na een korte koffiestop in Zevenaar op weg gingen naar het eerste doel van deze reis, Mülheim a/d Ruhr. Deze stad is voor de tramhobbyist een waar paradijs, daar men er vier verschillende trambedrijven aantreft. Een mooie gelegenheid voor een nadere kennismaking door het maken van een tramrit of gewoon om foto’s te maken, waarbij tegelijkertijd de binnenstad kon worden verkend. Hierna ging de reis verder naar Gummersbach voor een bezoek aan het Eisenbahnmuseum Dieringhausen. Dit voormalige depot was eens een grote verzorgingsplaats voor stoomloco-motieven van de BR 03, 41, 44, 52, 92 en 95 en had daarvoor dan ook een halfronde locloods met twaalf sporen. Het personeel bleek, ondanks gemaakte afspraken en bevestigingen, niet (geheel) voorbereid te zijn op bezoekers uit ‘Die Niederlanden’. Maar met enige improvisatie kwam er een zeer geslaagde rondleiding met uitleg over de diverse opgestelde machines en hoe de werkomstandigheden waren voor het locpersoneel in het stoomtijdperk. Al met al toch nog een geslaagd bezoek. Na afloop ging het naar Keulen om vlak bij de Dom en het Hauptbahnhof ons hotel voor de komende twee nachten op te zoeken. Deze dag werd in het hotel afgesloten met een Chinese maaltijd.

Zondag, 1e Paasdag, kon men ‘s morgens vroeg de Dom of het station verkennen, want het vertrek was gepland om half tien. Deze dag stond in het teken van een toeristische trip door het Bergisches Land, waarbij ook het railgebeuren was ingepast. Allereerst ging het naar het plaatsje Mettmann met zijn zeer interessante en educatieve Neanderthal Museum, gesitueerd nabij de in 1856 gevonden fossielen van de Neanderthalers, die zo’n 40.000 jaar geleden in deze omgeving leefden. Vandaar was het niet ver naar Wuppertal-Vohwinkel en de Schwebebahn voor een rit over het 13,3 km lange traject naar Oberbarmen. Zwevend over de straat en de rivier de Wupper blijft dit unieke vervoersysteem toch voor velen steeds weer een bijzondere ervaring. De bus bracht ons verder naar één van de eerste gietijzeren bruggen in Duitsland, de 485 meter lange Müngstener Brücke, gebouwd tussen 1894 en 1897. De middelste overspanning heeft een hoogte van 107 meter en wij hadden het geluk een treinstel hier over te zien en horen rijden. Vanaf de begane grond een imposant gezicht. Bij Seilbahn Burg in Solingen kon men de speciaal bij het eindpunt voor de trolleybus aangelegde draaischijf zien liggen. Verder ging het door het prachtige Bergisches landschap om uit te komen bij het trammuseum van de Kölner Verkehrs Betriebe in Thielenbruch. Na bezichtiging van het opgestelde historische materieel en de (foto)expositie kozen de meeste deelnemers voor een rit per tram - al of niet via een omweg - naar de binnenstad van Keulen. Mede dankzij het weer zonder enige regendruppel werd het een geslaagde dag.

De maandag betekende het afscheid van ons verblijf in Keulen. Maar eerst brachten wij nog een bezoek aan het Rheinische Industriebahn Museum, dat speciaal voor onze groep zijn deuren een half uur eerder opende. Hierdoor was men getuige van het naar buiten rijden en opstellen van divers materieel op het buitenterrein, hetgeen voor de fotografen en filmers onder ons de gelegenheid was om onder een wolkeloze hemel fraaie opnamen te maken. Een van de medewerkers vertelde in het kort o.a. iets over het opgestelde materieel in de hal. Daar was ook het treinstel ET 75 van de Köln Bonner Eisenbahn aanwezig. In dit treinstel legde de huidige eigenaar uit, hoe deze in zijn bezit was gekomen en wat er nog allemaal aan restauratiewerkzaamheden gedaan moest worden. In het kort kwam het er op neer, dat slopen onder de huidige milieuwetgeving even duur, zo niet duurder, was dan restaureren! Zeker meer tijd had besteed kunnen worden aan dit bezoek, echter wij wilden tijdig in Düsseldorf zijn. Op de Jan Wellem Platz zou historisch trammaterieel te zien zijn. Helaas bleek deze informatie niet correct. Wel bleek er een afgehuurd historisch tramstel door de stad te rijden en enkelen van onze groep hebben deze ook gezien. Maar niet getreurd, de stad en zeker de Altstadt was een bezoek alleszins waard en het was, mede door het prachtige weer, gezellig druk. Aan het eind van de middag werd bij de Altstadt op lijn U79 van de Rheinbahn gestapt voor een zeer fraaie rit naar de halte Betriebshof Grünewald in Duisburg, alwaar nog enkele foto’s konden worden genomen van het daar opgestelde materieel van de Duisburger Verkehrs Getriebe. Ter afsluiting restte ons nog een maaltijdstop bij Raststätte Hünxe Ost aan de A3 en een vlotte terugreis naar de diverse uitstapplaatsen. Terugkijkend vond een ieder, dat gesproken kon worden over een zeer geslaagde en voornamelijk ontspannen Paasreis.

Hans Ahles had de controle over het stuurwiel van de bus, terwijl de reisleiding bestond uit Ad Venderbos en Ger Haaswinders.


Reisverslag Hemelvaartreis Ulm – Stuttgart terug

woensdag 19 t/m zondag 23 mei 2004

woensdag 19 mei

Op deze reis bestond het reisgezelschap uit 42 personen, die na de koffiestop in Zevenaar vol goede moed via Keulen, Frankfurt, Karlsruhe en Stuttgart op weg gingen naar het hotel in Ulm, in de verwachting daar omstreeks zeven uur aan te komen. Files in de omgeving van Karlsruhe zorgden er echter voor, dat deze aankomst twee uur werd uitgesteld. Uiteraard was het hotel onderweg van deze vertraging op de hoogte gebracht en dus konden wij direct na aankomst, tot tevredenheid van iedereen, nog genieten van het diner. Na afloop hiervan werd alsnog ingecheckt en konden de deelnemers hun kamer opzoeken.

donderdag 20 mei

Via een prachtige landschappelijke route ging de rit naar Augsburg om daar na enig zoeken aan te komen bij  de voormalige Wagenhalle Lechhausen, waar de Freunde der Augsburger Strassenbahn bezig zijn met de restauratie van het daar aanwezige historische trammaterieel. Helaas was bezichtiging van het overige museum- materieel in de Betriebshof am Roten Tor niet mogelijk vanwege veiligheidsmaatregelen van de daar aanwezige Combino’s, die d.m.v. röntgenstraling worden gecontroleerd op haarscheurtjes in het frame. Hoe dan ook, we maakten kennis met een groep enthousiaste medewerkers, die we veel succes toewensten met de verdere uitwerking van hun plannen.

Na de lunchpauze ging het richting Gerstetten om met een museale normaalspoorlijn naar Amstetten te rijden. In Gerstetten was te merken, dat er Vater of Herrntag werd gevierd. Het was maar goed, dat een rijtuig voor onze groep was gereserveerd, daar ter plekke werd uitgegaan van het principe: geen kaartje aan het loket, maar tijdens de rit bij de conducteur. Op deze wijze werd een bezettingsgraad bereikt, die deze lijn in die goede oude tijd nog nimmer had meegemaakt. Maar hoe dan ook, de zon scheen, de spoorlijn ging door een prachtig landschap en iedereen genoot van de rit. Aangekomen in Amstetten zochten wij het meterspoor van de smalspoorlijn naar Oppingen op. Dit lijntje liep oorspronkelijk naar Laichingen, maar het gedeelte tussen Amstetten en Oppingen met een stijging van 2,9% kon worden gered. Aldus werden wij in staat gesteld tijdens een onvergetelijke mooie rit door een prachtig en bosrijk landschap te genieten van de aloude sfeer van het smalspoor. Via een route door het heuvelachtige landschap terug naar het hotel.

vrijdag 21 mei

Na het ontbijt togen wij naar Göppingen voor een bezoek aan het Märklin Museum. Men kreeg een goed overzicht van de ontwikkeling in diverse schalen van de door deze fabriek gebouwde modelspoortreinen in de afgelopen 110 jaar. De souvenirwinkel deed goede zaken, de inmiddels gesloten cafetaria niet, want deze was vervangen door een drankautomaat. Dus werd een beroep gedaan op de drankvoorziening in de bus, waarna de reis werd voortgezet richting Stuttgart voor een bezoek aan het trammuseum Zuffenhausen. Na een voorspoedig en mooie rit langs de Neckar sloeg het noodlot in Stuttgart toe. Tunnelbouw met opbreking van een druk verkeerskruispunt zorgde voor een file. Een uur later dan gepland werden wij enthousiast ontvangen door de vrijwilligers van het museum en kon men de zeer mooie historische verzameling van de Stuttgarter Strassenbahn bewonderen. Van hieruit gingen sommige deelnemers op eigen gelegenheid de middag al trammend het lijnennet verkennen, de rest ging met de bus naar het Hauptbahnhof om het centrum te verkennen. In de loop van de middag werd de dreiging van regen en onweer steeds groter en op weg naar Ulm barstte de hemel open om het overtollige regenwater over ons uit te storten. Maar dit deerde ons niet, dankzij een voldaan gevoel van de opgedane indrukken op deze dag.

zaterdag 22 mei

De ochtend stond geheel in het teken van de tram in Ulm. Leden van de Ulmer Nahverkehrsfreunde haalden ons bij het hotel op met een oude stadsbus en brachten ons naar het depot. Na bezichtiging van de werkplaats en rijtuighal reden wij met twee GT4 gelede Düwag trams over de enige 5,5 km lange tramlijn, waarvoor in 2002 acht lagevloer trams zijn aangeschaft. Na de geplande fotostop aan het eindpunt Donauhalle keerden wij weer terug naar het depot om nog een kijkje te nemen bij de verkeersleiding. Tevens werden wij nog verrast op de aanwezigheid van een zeer fraaie gerestaureerde oude stadsbus uit de jaren ’30 van de vorige eeuw. Na dit zeer geslaagde bezoek aan dit kleine trambedrijf werden wij met de bus weer teruggebracht naar ons hotel.

Die middag was er een facultatief uitstapje naar de Modellbahnshow in Merklingen, waar men op een oppervlakte van ruim 400 m² één van de mooiste HO-Märklinbanen van Europa kon bezichtigen. En inderdaad was door de ruime opzet en fraaie aankleding deze modelbaan voor de liefhebber een ware streling voor het oog.

zondag 23 mei

Vandaag lieten wij Ulm achter ons om weer huiswaarts te keren. Maar niet alvorens een bezoek werd gebracht aan het historische Heidelberg voor een nadere verkenning van de Altstadt en burcht. Helaas reed de Bergbahn wegens een grondige renovatie dit weekend nog niet, maar er was nog altijd het tramgebeuren te zien van de HSB en OEG. Na de lunch ging het via de Autobahn door het altijd weer fraaie Westerwald naar Hünxe-Ost voor een dinerstop om daarna weer terug in Nederland bij de diverse uitstapplaatsen afscheid te nemen van onze medereizigers. Wederom kon teruggezien worden op een geslaagde Hemelvaartreis.

De reis stond o.l.v. de heren Ger Haaswinders en Pieter van Vaalen. Leon Schippers was  onze chauffeur.


Reisverslag 9-daagse reis naar Wales & Manchester terug

Donderdag 17 t/m vrijdag 25 juni 2004

Een reis naar Groot Brittanië betekent vertrek in de middag om op tijd voor de boot te zijn. Dit keer de nachtboot van P & O Ferries naar Hull vanuit Europoort. Alle reizigers zijn, zoals gebruikelijk, op tijd en volgens schema bereiken we de haven in Europoort. Eén der deelnemers heeft af moeten zeggen in verband met ziekte.

Vrijdag 18-06

De overtocht verloopt rimpelloos, een vlak zeetje, en na de ontscheping vertrekken we naar Birkenhead nabij Liverpool. Door de regen en een ongeluk op de autoweg komen we een uurtje te laat aan. Dit had echter geen invloed op het programma dat enthousiast werd gebracht door de vrijwilligers van het museum. Een bijzondere verzameling trams, maar ook bussen, auto’s en motoren, soms in een authentieke omgeving trekken ieders aandacht. De rit met de dubbeldekker tram mocht natuurlijk niet ontbreken. Na de lunch op de Woodside ferry terminal aan de Mersey vertrekken we via de oude haven naar Llandudno, waar we rond de klok van drie aankomen. Een groot aantal reizigers maakt gebruik van dit vroege aankomstuur om de kabeltram naar de top van de Great Orme te bezoeken.

Zaterdag 19-06

Na de eerste nacht in Wales starten we met een toeristische rit die ons een aantal bezienswaardigheden zal tonen. De eerste geplande stop was Conwy Castle. Een smalle poort naar de busparkeerplaats menen we niet te kunnen passeren, wat ons bezoek onmogelijk maakt op dat moment. We moeten beloven een tweede poging later in de week te doen. We zetten onze tocht voort naar de Straat van Menai om beide bruggen, de Menai Bridge (alleen autoverkeer) en de Brittannia Bridge (auto- en treinverkeer) te bewonderen. Van de Menai Bridge worden meerdere foto’s gemaakt. Ook hier smalle poorten op de brug, maar de bus past hier door met aan beide zijde een paar centimeter speling, dit geeft moed voor de rest van de reis. Ons volgende doel is Llanfairpwllgwyngyllgogerychwyrndrobwllllantysiliogogogogoch, het beroemde station met de langste naam ter wereld en vervolgens naar Caernarfon, met het kasteel waar in 1969 prins Charles tot Prins van Wales werd ingehuldigd. Een bezoek aan dit kasteel en het stadje ging vooraf aan een rit met de Welsh Highland Railway. De trein werd tot onze vreugde getrokken door één van de door Beyer-Peacock in 1958, voor de South Africans Railways gebouwde Garratt locomotieven met de asopstelling 2-6-2+2-6-2. Een prachtige rit was ons deel alvorens moe en voldaan terug te keren naar het hotel

Zondag 20-06

Dag drie zou het fysieke hoogtepunt van de reis worden: een rit met stoom naar de top van Mount Snowdon. De rit werd uitgevoerd, maar op de top werd ons het zicht ontnomen door alom aanwezige wolken. Een kop koffie was het enige alternatief en weer naar beneden met dezelfde trein. Onderweg werden ons echter fraaie vergezichten geboden op de valleien en bergen. In Llanberis, het begin en eindpunt van de trein bezochten we vervolgens het Welsh Slate Mine Museum, en sommigen ook de Llanberis Lake Railway. Een indrukwekkend openlucht museum waarin de geschiedenis van de leisteenwinning in alle facetten werd toegelicht. Na een rit over een bergpas bereiken we vervolgens Betws-y-Coed voor een bezoek aan het particuliere spoormuseum Conwy Valley Railway Museum met zijn parkbanen, modelbanen en uitgebreide verzameling spoorcuriosa. Als afsluiting werd een landschappelijk rit gemaakt door Conwy Valley. Aan het einde van de weg in Conwy kwamen we uit aan de andere zijde van het poortje by Conwy Castle waar we gisteren niet doorheen durfde te rijden. Terwijl de maten genomen werden, werd door de reizigers de gemiste kans van gisteren goed gemaakt om het kasteel bewonderen. Aangezien de maatneming voordelig was uitgevallen werd een succesvolle poging de poort gepasseerd op weg naar Llandudno.

Maandag 21-06

De vierde dag wordt de drukste dag uit het programma met ook de meeste kilometers. Om zeven uur aan een eenvoudig ontbijt en voor acht uur op pad. Naar Tywyn voor een rit met de Talyllyn Railway. Door vertraging onderweg en verbouwing van het station was het vertrek rommelig, maar de rit was zeer fraai. Na weer opgehaald te zijn door de bus op het eindpunt werd koers gezet naar Porthmadog vanwaar een rit geboekt was met de Ffestiniog Railway. Een tweetal rijtuigen was gereserveerd voor ons maar dit was toch wat te veel van het goede, iedereen zou minimaal twee zitplaatsen hebben. We hebben dan ook maar een rijtuig afgestaan voor andere bezoekers. Een mooie rit bracht ons naar Blaenau Ffestiniog, vanwaar een bezoek werd gebracht aan de Llechwedd Slate Caverns, een ondergronds mijnen complex voor de winning van leisteen. Een rit met de Miners-Tramway en een wandeling door de mijn geven een fraai beeld van de werkomstandigheden waaronder leisteen gewonnen werd. Duidelijk was te zien welk beslag de winning van leisteen op de omgeving heeft gelegd, door afvalbergen, kleine woningen, enz.

Dinsdag 22-06

De volgende dag werd afscheid genomen van Llandudno en werd via Horseshoepass naar Llangollen gereden voor de laatste stoomrit in Wales op deze reis. We hadden het geluk in deze reis dat alle ritten met stoom werden gereden. De rit voerde ons naar Carrog en terug onder een stralende lucht. De middag was gereserveerd voor een bezoek aan het historische Chester, iedereen heeft op zijn manier deze fraaie stad bekeken. Vervolgens werd koers gezet naar Altrincham bij Manchester voor ons hotel.

Woensdag 23-06

Vandaag was ingeruimd voor een bezoek aan Manchester. Helaas was het niet mogelijk het trambedrijf (Metrolink) te bezoeken. Een ieder moest op eigen gelegenheid, met een aantal aanwijzingen van de reisleiding de stad en de tram zelf ontdekken. Door de meeste werd deze dag dan ook in een lagere versnelling doorgebracht met bezoeken aan musea, stations of een voetbalstadion (Manchester United).

Donderdag 24-06

Na de tweede nacht in Altrincham moesten we (helaas) vertrekken in de richting van huis. Maar de dag werd nog ingevuld met een tweetal excursies. In eerste instantie een herhaald bezoek aan het National Tramway Museum in Crich. Vijf jaar geleden ging dit gepaard met hevige regenbuien, nu was het ook niet helemaal droog maar het bezoek was nu veel aangenamer. Vervolgens van de oudheid door naar de nieuwste tram van het Verenigd Koninkrijk, die van Nottingham. In de stad lijkt het alsof de tram er nooit weggeweest is zo past alles probleemloos in elkaar. Na een kort bezoek aan de stad zelf wordt de tocht voortgezet naar Hull om aan boord te gaan van de “ Pride of Rotterdam “ voor de oversteek naar Europoort.

Vrijdag 25-06

Na een korte nacht arriveren we in Europoort en wordt afscheid genomen van de eerste reizigers, vervolgens gaat het vlot naar Rotterdam, via de nieuwe Thomassentunnel, Alphen aan den Rijn en Utrecht om de overige passagiers terug te brengen naar hun uitgangspositie. Zo kwam rond het middag uur een einde aan een zeer geslaagde reis naar Wales en Manchester.

Reisleiding: Ger Haaswinders en Leo van der Werf

Chauffeur: Gerda Tromp

 


Reisverslag 10-daagse reis naar Grenoble, Ardèche & Zwitserse Jura terug

13 t/m 22 augustus 2004

Vrijdag 13 augustus 2004

Tot over onze enkels stonden wij voor het vertrek uit Alphen aan den Rijn in het water! Een lekker begin van wat later echter een schitterende reis zou worden. Via Den Haag en Utrecht door de regen naar droog Eindhoven voor een kopje koffie en vervolgens via de autowegen naar Han, waar de lunchpauze was gepland. Lekker weer en een heerlijk zonnetje in dit Belgische toeristenoord. Voor veel deelnemers een reden om met de (open) tram een retourritje naar de ingang van de grotten te maken. Ze waren nog niet vertrokken of ook hier opende de hemel zich! Via Luxemburg en langs Metz naar overnachtingsplaats Nancy met zijn “ tram sur pneu “, een merkwaardig gezicht die vier banden en die ene rail!  Tijdens het diner werd de hele groep aan het bier gezet……. foutje van de hotelleiding, voor ons een prikkelend begin.

Zaterdag 14 augustus 2004

Na een korte rondrit door Nancy met o.a. de gouden hekken bij Place Stanislas reden wij via de autowegen zuidwaarts om tegen 18.00 uur bij ons hotel in Grenoble te arriveren. Toen de laatsten nog stonden in te checken renden de eersten alweer de deur uit om het station te bezoeken of om kennis te maken met het trammaterieel in deze schitterende Olympische stad.

Het diner gebruiken wij tijdens het verblijf in restaurant 55, waar de wijn (gratis) vloeide. De stemming zat er dadelijk al goed in, temeer daar het weer ons ook gunstig gezind was.

Zondag 15 augustus 2004

Na het ontbijt bracht (technish) reisleider Leo van der Werf ons naar Tournon-sur-Rhône, waar de stoomtrein van de Chemin De Fer Du Vivarais reeds op ons stond te wachten. Vertrek 10.00 uur…ruim op tijd…dus tijd genoeg om foto’s te schieten, ware het niet dat de trein zich plotseling om 09.50 uur in beweging zette. Met een korte doch explosieve spurt konden de fotograven alsnog aan boord springen. Bleken wij in een extra trein te zitten!  Het was evenwel de moeite waard, want de trein maakte een schitterende tocht langs o.a. de Gorges du Doux naar Lamastre. Na de lunchpauze keerden wij via een mooie route terug naar Grenoble, waarna de meeste deelnemers met de kabelbaan naar het hoog gelegen Fort de la Bastille vertrokken. Van hier een schitterend uitzicht over de stad en een eerste blik op de besneeuwde Mont Blanc. Een fraaie zonnige dag… dat smaakte naar meer!

Maandag 16 augustus 2004

Na het ontbijt naar St. Georges de Commiers, beginpunt van de Chemin de fer de la Mure. Via een schitterend traject reden wij dwars door de Alpen naar La Mure. Chauffeur Hans Ahles had de touringcar hier naar toe gereden, waarna hij het gezelschap kundig via allerlei haarspeld- bochten en fraaie vergezichten terug bracht naar Grenoble.  ’s Middags vertrok (toeristisch) reisleider Wouter Koopman met zo’n vijftien deelnemers naar Alpe-d’Huez, jaarlijks hoogtepunt in de Tour de France. Via 21 haarspeltbochten bracht de bus ons naar ruim 1800 meter hoogte en bij een aantal deelnemers brak het klamme zweet uit! Het schitterende uitzicht vergoedde echter veel. De overige deelnemers brachten hun tijd door met trammen, treinen of gewoon gezellig op een terrasje.

Dinsdag 17 augustus 2004

Het dal van de Isère zag grauw en het plensde in Grenoble! Geen prettig vooruitzicht voor onze excursie naar de tweede stad van Frankrijk : Lyon.  Naarmate wij de stad echter naderde klaarde het op en het bleef droog tot ca. drie uur. Iedere deelnemer trok zijn/haar eigen plan, want er was genoeg te zien en te beleven in deze mooie stad, waar de rivieren Rhône en Saône samenkomen. De tandradbanen, metro en tramlijnen werden bezocht evenals de fraaie kathedraal en de winkelstraten. In de plensende regen vertrokken wij uit Lyon om met een heerlijk zonnetje weer in Grenoble te arriveren.

Woensdag 18 augustus 2004

Na het ontbijt namen wij afscheid van Grenoble en reden via de autowegen naar Chamonix, waar  de Mont Blanc Express gereed stond die ons naar Châtelard- Frontière (Frans/Zwitserse grens) bracht. Wouter en Hans volgden met de bus en na de (Zwitserse) lunch in een heerlijk zonnetje brachten wij een bezoek aan het Parc d’attractions du Châtelard.  Eerst met de kabelbaan (funiculaire) (87%), daarna per minispoor om de berg en tot slot per cabine-lift van ca. 1300 naar 1961 meter, waar bij het stuwmeer Lac d’Emosson de pauze werd gehouden. Een schitterende excursie! Via allerlei hairpins daalden we af naar het Zwitserse Martigny en kwamen vervolgens in de enige file tijdens deze reis terecht. In Lausanne namen wij voor drie nachten onze intrek in hotel A la Gare in het centrum van de stad. Een aantal deelnemers hadden uitzicht op het perron. Een hoogtepunt!  Het diner werd gebruikt in het naast het hotel gelegen restaurant. Hans was de eerste die van de metro lijn 2 gebruik maakte, want hij moest zijn bus aan de rand van het Meer van Genève parkeren.

Donderdag 19 augustus 2004

Vandaag een druilerige dag, maar toch was iedereen nog steeds in opperbeste stemming. Via Neuchâtel (koffiestop) naar La Chaux de Fonds, waar na de lunchpauze een treinrit met de Chemins de Fer du Jura werd gemaakt, die ons via Le Noirmont (korte overstap) naar Tavannes bracht. Wouter en Hans stonden hier met de touringcar te wachten om het gezelschap vervolgens via Biel (kort bezoek) terug te brengen naar Lausanne.

Vrijdag 20 augustus 2004

Na de vrije ochtend bracht Leo de groep naar Blonay voor een bezoek aan de Museumsbahn Blonay – Chamby. Het zonnetje scheen weer volop en dat betekende voor de meeste dames in het gezelschap…lekker zitten en genieten, terwijl de heren zich vergaapten aan het fraaie tentoongestelde materieel. De terugreis bracht ons via een schitterende route richting Montreux, waarna langs het Meer van Genève naar Lausanne werd teruggekeerd. Alweer de laatste avond in een stad, waar wij zeker nog eens terugkomen. Er valt in dit deel van Zwitserland  nog veel meer op spoorgebied te beleven. Sieger en Mea Barkema kozen deze middag voor de stoomboot en brachten o.a. een bezoek aan het fraaie kasteel Chillon te Montreux, Ron Hellendoorn verzamelde lege bierblikjes voor een vriend en René Lipman rende in korte broek over iedere bergtop die hij tegenkwam.

Zaterdag 21 augustus 2004

Na het ontbijt richting de Zwitserse hoofdstad Bern. In deze aantrekkelijke tramstad aan de rivier de Aare was een ruime pauze gepland. Winkelen, de Berenkuil, een rit met de tram…kortom, ondanks het regenachtige weer viel ook Bern bij de deelnemers in de smaak. Verder ging de reis via de autowegen naar Strasbourg voor diner en overnachting in het Ibis hotel “ Aux Ponts Couverts “ . Een aantal deelnemers namen nog een kijkje in het centrum van deze aantrekkelijke stad met o.a. de oude wijk “ Petite France “. 

Zondag 22 augustus 2004

De laatste dag stond nog een stoomrit met de Chemin de Fer Abreschviller door een bosrijk gebied in het departement Moselle op het programma. Een mooie (smalspoor)rit en zowaar….ook hier liet de zon ons niet in de steek! Dwars door de Ardennen met een stop in Baraque de Fraiture naar Stein voor de dinerpauze en tot slot naar Utrecht, Den Haag en Alphen aan den Rijn. Moe maar zeer voldaan konden wij terugkijken op een geslaagde Railhobbyreis.

 

Verslag 3-daagse reis “ Eifel & Stoom “ 08 t/m 10 oktober 2004 terug

Op vrijdag 08 oktober vertrok het gezelschap ( 31 personen) via Eindhoven (Kroffiestauze) naar de Duitse deelstaat Nordrhein Westfalen, waar een bezoek werd gebracht aan het Feldbahnmuseum te Oekoven. Na een kundige uitleg over o.a. het materieel werd een ritje gemaakt. Wim Reedijk ( de technisch reisleider) probeerde in de rijdende touringcar Carl Neijenhuizen op de dansvloer te krijgen en belandde na zijn eerste pirouette vervolgens bijna bij chauffeuse Gerda op schoot. Vervolgens naar Bergheim voor de lunchstop, waarna vanaf het nabij gelegen uitkijkpunt een blik werd geworpen op de enorme bruinkoolgroeve. In vier wingebieden ontgint Rheinbraun AG jaarlijks zo’n 120 miljoen ton bruinkool in dagbouw. Tot slot stond vandaag een bezoek aan de Selfkantbahn op het programma. Na de retourrit werd nog het museum- materiaal van deze enthousiaste vereniging bekeken. In Aken logeerden wij in hotel Am Marschiertoren op korte afstand van het station en het centrum. Het diner gebruikten wij in restaurant Tradition, waar het management qua organisatie nog wat kon leren van menig enthousiast stoombedrijf! De keuken maakte gelukkig nog het nodige goed.

Zaterdagochtend vertrokken wij voor een mooie rondrit door de Eifel, waar de herfstkleuren reeds zichtbaar waren. Na de koffiepauze in Heimbach, waar de regionalbahn op vertrekken stond, vertrokken wij naar Weywertz in de Belgische Oostkantons. Hier zou om ca. 12.30 een happening plaats hebben van de Vennbaan, die vandaag haar afscheidsrit maakte. In the middle of nowhere vonden wij op roestig spoor een tweetal armetierige (gekoppelde) dieseltreintjes met aan boord een beperkt aantal passagiers. Van het aangekondigde spektakel kwam weinig terecht, maar het was toch een historisch moment. Na de lunchpauze in Monschau reed Gerda ons naar Losheim, waar de digitaal aangestuurde modelbanen van Eurotechnica werd bezocht. Via de Haute Fagnes met de Botrange en Baraque Michel keerden wij o.l.v. (toeristisch)reisleider Wouter Koopman naar Aken terug.

De laatste dag reden wij via de Voerstreek en een mooie route door Zuid Limburg naar Simpelveld, waar na een kopje koffie in de restauratie van de ZLSM aan boord van het fraai gerestaureerde Pullman salonrijtuig (nummer 4112) werd gestapt. De stoomtrein bracht ons via Heerlen en Simpelveld naar Schin op Geul en terug en tijdens de ruim 2 ½ uur durende reis werd een uistekende warme maaltijd geserveerd. Tot slot stond er nog een rit met de Crefelder Eisenbahn op het programma ( St. Tönis – Hülser Berg ). Na de dinerstop in motel Venlo keerden wij naar Utrecht en Alphen aan den Rijn terug. Een gezellige reis was weer afgerond. Het leek wel, mede door het fraaie weer en het enthousiaste gezelschap,  of we weken waren weggeweest.

 


Reisverslag Rhön-Leipzig & Kassel 2004

door Ger Haaswinders

zaterdag 25 september

Al voor de koffiestop in Zevenaar zat de stemming er bij de 21 deelnemers aan deze reis al in en dit zou de gehele reis zo blijven. Ter hoogte van Lüdenscheid werd in een Raststätte de lunch gebruikt om daarna bij Dillenburg de Autobahn vaarwel te zeggen om verder over een landschappelijk mooie route naar Marburg te rijden. Aldaar kreeg men de gelegenheid de binnenstad van dit historische plaatsje te bekijken om daarna ons hotel, gelegen in Romrod, op te zoeken. Na zich op zijn of haar kamer verfrist te hebben werd het restaurant van het hotel opgezocht om te genieten van een goed verzorgd diner. Velen zochten daarna hun kamer op om het tekort aan slaap van de vorige nacht in te halen.

zondag 26 september

Direct na het ontbijt lieten wij het hotel achter ons om via de binnenwegen door het fraaie Hessische landschap en de stad Fulda te rijden om tijdig in Melrichstadt aan te komen. Aldus zagen wij onze trein aankomen en de stoomloc omlopen om daarna in ons rijtuig te stappen voor een rit met de Rhön-Zügle naar Fladungen. Ondanks de lichte regenval toch een zeer geslaagde rit. Na aankomst in Fladungen werd snel gefourageerd voor de inwendige mens om daarna verder te gaan door de Bayerische Rhön en het Thüringer Wald, bekend om hun mooie landschap en bosrijke gebied. Helaas beperkte de laaghangende bewolking het fraaie uitzicht. Nabij Tabarz gingen wij via de Autobahn langs Gotha en Erfurt, alwaar een korte koffiestop, om ter hoogte van Weimar weer de binnenwegen op te zoeken richting Naumburg, alwaar bij het Hauptbahnhof de Strassenbahnfreunde met een tram onze komst afwachtte. Met een Gotha wagen werd het restant van de ringlijn bereden en het depot bezocht. Na afloop zochten wij ons hotel in Leipzig op, dat naast het Hauptbahnhof lag. Na een uitmuntend diner gingen velen nog even de sfeer van station en voorplein opsnuiven.

maandag 27 september

De ochtend was gereserveerd voor een bezoek aan het Straßenbahnmuseum in het voormalige depot Möckern

De ontvangst was hartelijk en na een korte, maar gedegen, uitleg over de tram in Leipzig kregen wij volop de gelegenheid de fraaie museumwagens te bewonderen. Een ieder was enthousiast over de inrichting van een voormalige bijwagen, die jaren dienst had gedaan als tuinhuisje in het DDR tijdperk. Ook de fraaie trammodelbaan werd uitgebreid bekeken, terwijl tussentijds het winkeltje het aantal kopers van documentatiemateriaal nauwelijks aankon. Na dit zeer geslaagde bezoek kon iedereen zijn eigen programma gaan invullen door bezoek aan musea, bezichtiging van de stad of gewoonweg het uitgebreide tramnet te verkennen. Dat deze vrije tijd goed werd besteed, bleek aan de hand van de verhalen tijdens het diner.

dinsdag 28 september

Via Torgau, waar aan het eind van de 2e Wereldoorlog de Amerikaanse en Russische troepen elkaar voor het eerst ontmoetten, togen wij naar het fraaie Wittenberg, de stad waar Luther zijn afkeur van de aflaathandel in 95 stellingen had neergelegd en waar ook de reformatie begon. Op weg naar Dessau zorgde een voor onze bus te lichte veerpont er voor, dat wij Wörlitz letterlijk en figuurlijk links moesten laten liggen. In deze plaats schijnt Dessauer bijwagen 111, een tijdens de oorlog gevorderde Haagse motorwagen uit de serie 102 - 150, thans als  Chinese keuken te fungeren. In Dessau was er gelegenheid om met een tramrit nader kennis te maken met het  trambedrijf. Dessau verlatend kruisten wij nog de overwoekerde start- en landingsbanen van de vroegere Junkers vliegtuigfabrieken. Wij waren inmiddels op weg naar Bernburg, gelegen aan de Saale. Echter door wegopbrekingen bleken alle toegangswegen vanuit onze richting daar naar toe versperd, dus lieten wij dit stadje noodgedwongen rechts liggen. Via Bitterfeld, waar ondanks herstel van het eens mooie landschap na de bruinkoolwinning duidelijk de nadelige gevolgen hiervan te zien zijn, reden wij terug naar ons hotel in Leipzig.

woensdag 29 september

Deze ochtend bezochten wij eerst het Straßenbahnmuseum in Halle, waar een hartelijke ontvangst ons deel was. Na een korte introductie over de geschiedenis van het trambedrijf maakten wij tijdens de rondleiding nader kennis met de verscheidenheid aan museummaterieel van het stadsbedrijf en de vroegere Merseburger Überlandbahn. Ook het nog te restaureren deel van de verzameling kreeg de volle aandacht.

Na afloop zochten wij, gehinderd door wegopbrekingen, het Hauptbahnhof als uitstapplaats op, waarna men de gehele middag de gelegenheid kreeg de stad en het trambedrijf te verkennen. Een aantal deelnemers greep de kans voor een rit met de langste tramlijn van Duitsland van ruim 30 km naar Bad Dürrenberg v.v., anderen to-gen de historische binnenstad in. Aan het eind van de middag stapte men moe, maar voldaan, in de bus voor de terugrit naar ons hotel en laatste nacht in Leipzig.

donderdag 30 september

Al vroeg namen wij afscheid van ons hotel en Leipzig. Na een korte rit over de Autobahn werd de landschappelijk mooie route genomen om via Jena, Weimar, Erfurt naar Gotha te rijden. Helaas, het fenomeen wegopbrekingen stak zijn kop weer op, waardoor wij even voor Weimar de Autobahn moesten opzoeken. Besloten werd dan maar rechtstreeks door te rijden naar Gotha en daar een iets langere lunchpauze te houden. Gotha’s binnenstad is sinds de Wende weer zeer mooi en gezellig geworden. Tabarz was opgenomen als opstapplaats, dus greep praktisch iedereen de mogelijk aan om een rit te maken met de Thüringer Waldbahn, die door een prachtige landelijke omgeving van akkers en bossen voert. Na Tabarz ging het richting Mühlhausen om onderweg wederom geconfronteerd te worden met tijdrovende wegomleidingen, waardoor het wel een zeer kort bezoek aan deze historisch fraaie stad werd. Bedoeling was om via Heiligenstadt naar Kassel te rijden, maar voor wij de stad uit waren lag er door wegopbrekingen weer een veel tijd kostende grote omleiding in het verschiet. Derhalve werd besloten een meer zuidelijke route te nemen en via Eschwege togen wij dus naar Kassel. Geen slechte keus, deze zeer prachtige toeristische route door het Werratal. Bij de nadering van Kassel kregen wij als bonus een goede indruk van de werkzaamheden aan de verlenging van de Regio Bahn Kassel tussen Helsa en Hessisch-Lichtenau. Snel werd ons hotel naast het Bahnhof Wilhelmshöhe opgezocht om na te zijn ingecheckt en verfrist aan tafel te gaan voor een goed smakend diner, onderwijl terugkijkend op een geslaagde dag.

vrijdag 1 oktober

De ochtend kon men wederom vrij besteden en met het van het hotel verkregen vrij vervoer kaartje maakten velen hiervan dankbaar gebruik door vanaf het hotel te gaan trammen over het sinds 2001 geopende deel van de Lossetalbahn tussen Kaufungen, Papierfabrik en Helsa. De Kasseler Verkehrs-Gesellschaft volgt het voorbeeld van Karslruhe door met de opgerichte Regio Bahn Kassel doorgaande verbindingen door de binnenstad te verzorgen met omliggende plaatsen. De lijn van Baunatal en het voorlopige eindpunt Helsa is hier een voorbeeld van.

Even voor halféén was iedereen weer bij de bus aanwezig, de koffers opgeborgen in de laadruimte, en dus vertrokken wij voor onze laatste excursie op deze reis. Dit was een bezoek aan het Erzbergbaumuseum in Ramsbeck nabij Bestwig. Na voltooiing van onze outfit met helm en stofjas maakten wij een rit op de 1,5 km lange Grubenbahn in de sinds 1974 gesloten lood- en tinmijn. Eenmaal in de Eickhoffstollen, 300 meter onder de top, kregen wij nog een rondleiding door een deel van de mijn, waarbij onze gids een goede en levendige uitleg gaf over de diverse ondergrondse installaties en het werken in de mijn. Na deze leerzame wandeling stapten wij weer in voor de terugrit. Ook de expositie in het museum zelf was zeer de moeite waard. Op het gebied van industrieel smalspoor was dit bezoek een bijzondere en interessante ervaring.

Echter aan alles komt een eind. Na nog genoten te hebben van een dinerstop, gingen op de diverse uitstapplaatsen de deelnemers huiswaarts, tevreden en voldaan en terugkijkend op een zeer geslaagd reis.

De reisleiding bestond uit Ad Venderbos en Ger Haaswinders, terwijl Leon Schippers onze chauffeur was.

terug